Actueel

Toekomstverwachting Pensioenfonds APF

Er zijn veel vragen over de financiële positie van Pensioenfonds APF. Aanleiding daarvoor zijn de verkoop van de divisie Specialty Chemicals en ons verzoek aan AkzoNobel om het eigen vermogen te versterken. Het bestuur geeft in dit bericht een toelichting op het financiële vooruitzicht van het pensioenfonds. Belangrijkste conclusie is dat de achterstand in indexatie bij Pensioenfonds APF zonder versterking van het eigen vermogen nog verder zal kunnen toenemen.

Het bestuur van Pensioenfonds APF hoopt met dit bericht alle partijen te helpen om de feitelijke situatie beter te beoordelen en daaruit de juiste conclusies te trekken.

Achtergrond 

Pensioenvermogen 

Het pensioenvermogen dat nodig is om de huidige en toekomstige pensioenen uit te kunnen betalen, is gestegen tot € 5,5 miljard. In 2017 haalde het pensioenfonds een rendement van 7,5% (een beleggingsresultaat van € 229 miljoen). De pensioenuitkeringen in 2017 bedroegen € 211 miljoen.

De beleggingsresultaten over de afgelopen jaren zijn goed. Toch zijn het eigen vermogen en de dekkingsgraad gedaald. Dit heeft vooral te maken met de gedaalde rekenrente, waardoor het eigen vermogen (het pensioenvermogen minus de contant gemaakte verplichte reserves) is afgenomen. Het eigen vermogen van Pensioenfonds APF per eind maart 2018 is € 577 miljoen. 

Dekkingsgraad 

De beleidsdekkingsgraad (de gemiddelde dekkingsgraad van de laatste 12 maanden) is de graadmeter voor de gezondheid van het pensioenfonds. Per eind maart 2018 is de beleidsdekkingsgraad 110,8%. 
Pensioenfonds APF moet volgens de regels een buffer in het eigen vermogen aanhouden van tenminste 18,2%. Per eind maart 2018 betekent dit voor Pensioenfonds APF dat een eigen vermogen is vereist van € 883 miljoen. Dit is € 306 miljoen hoger dan het feitelijk eigen vermogen nu is. Om die reden is een herstelpan bij De Nederlandsche Bank ingediend, dat jaarlijks wordt bijgewerkt.  

Indexatiebeleid 

Pensioenfonds APF streeft ernaar de pensioenen ieder jaar te indexeren (verhogen). De ambitie is om de pensioenopbouw van werkenden te verhogen met de jaarlijkse cao-loonsverhoging en om de pensioenuitkering van gepensioneerden mee te laten groeien met de prijsinflatie. 

Als de beleidsdekkingsgraad hoger dan 110% is, mag het pensioenfonds gedeeltelijk indexeren. Boven een beleidsdekkingsgraad van 124% mag er volledig geïndexeerd worden. Daarboven kan ook stapsgewijs de indexatieachterstand ingelopen worden. Overigens mag een achterstand van meer dan 10 jaar niet meer ingehaald worden. Bij een langzaam herstel kan dus een definitief gemiste indexatie ontstaan.

Achterstand indexatie

Sinds 2009 is bij Pensioenfonds APF geen volledige indexatie verstrekt. Alle deelnemers hebben in 2014 een gedeeltelijke indexatie gekregen. De huidige indexatieachterstand is voor werkenden 6,4% en voor gepensioneerden 14,5%. Voor de werkenden is dit effect minder groot, omdat in het verleden met werknemerspremies een apart reservepotje was gevormd. 

Als Pensioenfonds APF de pensioenen volledig wil indexeren én de indexatieachterstand wil inhalen, dan is op dit moment een verhoging van het eigen vermogen met € 588 miljoen nodig. 

Vooruitzichten 

Uit berekeningen blijkt dat de financiële positie van het pensioenfonds kan verbeteren als het beleggingsrendement gelijk zal zijn aan het verwachte rendement. Ook kan gemiste indexatie deels ingehaald worden. Als het werkelijke rendement hoger of lager is dan het verwachte rendement, dan heeft dit uiteraard effect op de indexatieachterstand. Hetzelfde geldt voor een verhoging of verlaging van de rente. 

Basisscenario

Onderstaande grafiek toont het resultaat van de berekeningen van een basisscenario op basis van het herstelplan. Daarin is zichtbaar hoe de achterstand in indexatie zich de komende 10 jaar ontwikkelt met en zonder een storting van € 400 miljoen in het eigen vermogen. Uitgangspunten zijn vooraf vastgelegde factoren, zoals de renteontwikkeling en het verwachte beleggingsrendement. Voor toekomstige indexatie is uitgegaan van jaarlijks 2,5% looninflatie voor werkenden en 2,0% prijsinflatie voor slapers en gepensioneerden.

Zichtbaar is dat de achterstand in indexatie zonder verhoging van het eigen vermogen tot aan 2022 nog verder oploopt. Zodra de dekkingsgraad boven de 124% komt, mag het pensioenfonds volledig indexeren. Dan kan ook het inhalen van de indexatie beginnen. Binnen de gestelde maximale termijn van 10 jaar lukt het echter niet om de gehele achterstand in te lopen, maar deze wordt met een extra storting wel veel kleiner.

In de grafiek is met een stippellijn aangegeven wat het effect is van de versterking van het eigen vermogen met € 400 miljoen. De indexatieachterstand kan daarmee grotendeels worden ingehaald.

Andere scenario’s 

Voor de uitkomsten van gunstige en minder gunstige scenario’s dan het basisscenario, geldt in het algemeen het volgende:

  • Bij een lagere rente zal de achterstand in indexatie nog sterker toenemen. Door een lagere rekenrente is namelijk sprake van een lagere dekkingsgraad. Dat zorgt ervoor dat de dekkingsgraad meer tijd nodig heeft om boven de indexatiegrenzen te komen. 

  • Bij een hogere rente zal de indexatieachterstand juist eerder afnemen. De hogere rente zorgt voor een hogere dekkingsgraad, zodat deze op een eerder moment boven de indexatiegrenzen komt. 

  • Hoe hoger het beleggingsrendement, hoe eerder de indexatieachterstand kan worden ingelopen. Hoe lager het rendement, hoe langer het duurt voordat kan worden ingelopen.  

Conclusie

De indexatieachterstand bij Pensioenfonds APF kan zonder versterking van het eigen vermogen nog verder toenemen. Zelfs bij een positieve ontwikkeling van de dekkingsgraad is het mogelijk dat de achterstand niet volledig ingehaald kan worden. 

Met een versterking van het eigen vermogen, zoals geschetst in de grafiek, kan indexatie van de pensioenen weer grotendeels toegekend worden. Daarnaast wordt het inhalen van de achterstand in indexatie eerder mogelijk. Echter, ook in dit scenario is inhaalindexatie pas vanaf 2020 mogelijk en daardoor zal er een kleine, permanent gemiste indexatie van circa 2% overblijven.